Ligging en Landschap

Het Gotomeer ©Bgabel
Het Gotomeer ©Bgabel

Eiland in de zon

Bonaire is de minder bekende B van de ABC-eilanden, ook wel Benedenwindse Eilanden genoemd. Ten westen van Bonaire liggen Curaçao (50 km) en Aruba (120 km). Veel noordelijker liggen de drie Bovenwindse Eilanden: St. Eustatius, Saba en St. Maarten (voor de helft Frans).

De benaming benedenwinds en bovenwinds dateert nog uit de tijd van de transatlantische zeilvaart en heeft te maken met de ligging van de eilanden ten opzichte van de passaatwinden.

Alle genoemde eilanden maakten tot oktober 2010 deel uit van de Nederlandse Antillen, behalve Aruba dat sinds 1986 een status aparte heeft binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Nu de Nederlandse Antillen zijn opgeheven, is Curaçao een zelfstandig land binnen het Koninkrijk der Nederlanden en hebben Bonaire, Saba en St.-Eustatius de status van bijzondere gemeente van Nederland.

Bonaire ligt minder dan 70 km ten noorden van Venezuela. Vlak voor de westkust ligt het 6 km2 metende eilandje Klein Bonaire, onbewoond en amper begroeid, met een aantal prima duik- en snorkellocaties. Bonaire zelf is ook niet groot: tussen Lacré Punt in het zuiden tot Malmok in het uiterste noordwesten is het eiland slechts 40 km lang en nergens breder dan 12 km. Je bent dus nooit ver van de kust.

Het landoppervlak van Bonaire meet 288 km2, dat is anderhalf keer zo groot als Texel en net zo groot als de provincie Antwerpen. Bonaire beschikt over enkele stranden en wordt evenals Klein Bonaire geheel omgeven door franjeriffen. Alle zee rondom beide eilanden behoort tot het beschermde marinepark.

Nader je Bonaire per vliegtuig dan is vanuit de lucht goed de boemerangachtige vorm van het eiland te zien. Iets ten noorden van de ‘binnenbocht’ in het zuidwesten ligt de hoofdstad Kralendijk. Daaromheen valt de leegte van het landschap op: een paar plukjes huizen hier, een eenzame weg daar en verder niets dan ongerepte, savanneachtige natuur.

Rond het eiland kabbelt een donkerblauwe zee, aan de west- en zuidkust overgaand in turqoise-blauwe baaien. Aan de winderige noordzijde is de zee veel ruwer en zie je het water opspatten tegen de verweerde rotsen. Vlak voor de landing is rechts naast de landingsbaan het Donkey Sanctuary te zien, het ezelreservaat van Bonaire.

Op de top van een vulkaan

Miljoenen jaren geleden zijn de Benedenwindse Eilanden gevormd door onderzeese geologische processen en vulkaanuitbarstingen. In feite is Bonaire, net als Curaçao en Aruba, de top van een uit zee stekende vulkaanrand, omgeven door jongere afzettingen van kalk(koraal)steen. Door opwaartse bewegingen van de aardkorst en veranderingen in het zeespiegelniveau kwamen de kalkterrassen boven water te liggen.

Waar de poreuze kalklaag erodeerde is de vulkanische oorsprong van het land te herkennen aan gestold (zwart) lava. Op Bonaire is dit goed te zien aan de ruige noord- en noordoostkant van het eiland. Daar kwamen oeroude fossielen bloot te liggen, met enig speurwerk te ontdekken bij de stenige kusten in het Nationaal Park Washington-Slagbaai en bij Boka Spelonk.

Bijzonder landschap

Op het eerste gezicht oogt Bonaire vlak, droog en stekelig en van de bekende Caribische folderfoto’s met witte stranden en wuivende palmen heeft het niet veel weg. Toch is er verrassend veel fraais te zien en is het landschap vol leven. Als je rondtoert over het eiland, begint de omgeving geleidelijk aan op je in te werken en besef je hoe mooi en ongerept het er eigenlijk is.

Variëteit in landschappen kan Bonaire in elk geval niet ontzegd worden: lagunes, rotsen, zoutmeren, grotten, heuvels, savannes en woestijnachtige gebieden. Overal groeien cactussen, diverse soorten vetplanten en dividivibomen met hun grappige door de wind gevormde kruinen. Lijken sommige planten en bomen in de droge tijd wel dood te zijn, na een flinke regenbui komen ze tot leven en staan prachtig in bloei.

Tussen het groen scharrelen allerlei tropische vogels in felle kleuren, leguanen en hagedissen die zich opwarmen in de middagzon. Her en der duiken salinjas, zoutmeren op in het landschap. Deze meren ontstonden toen ondergelopen stukken land door de vorming van koraaldammen afgesloten raakten van de zee. Rond de salinja’s leven allerlei zoutminnende planten en kustvogels.

Bezoekers maken meestal als eerste kennis met de windluwe westkust. Het water is er kalm en er zijn diverse beschutte baaien. Uitstekende plekken om direct vanaf de kust te duiken en te snorkelen. Aan deze kant van het eiland zijn ook de meeste hotels en appartementen te vinden, net ten noorden en ten zuiden van Kralendijk. De kustweg die vanaf de hoofdstad in noordelijke richting loopt biedt schitterende uitzichten op turqoise-blauwe baaien, strandjes en de zee.

Een groot contrast hiermee vormen de noord- en noordoostkust. Deze ligt pal in de altijd waaiende passaatwind. De zee is er ruw en beukt genadeloos op de rotsen waardoor het minder geschikt is om te zwemmen. Aan deze kant van het eiland zijn ook geen hotels en appartementen gevestigd. Je vindt er wel boka’s (rotsinhammen met baaien) en scherpe rotsvlaktes, verweerd door wind en water.

De stenige bodem en zoute zeewind vormen er een vijand voor bomen en planten waardoor het er een kale boel is. Daarachter ligt de eenzame kunuku, een droog, landelijk gebied met de zo typerende cactus- en vetplantvegetatie. Grote delen van de kunuku zijn verlaten maar op (voormalige) landbouwgronden vind je nog de typische kunukuwoningen, vaak in vrolijke tinten geschilderd, op door trankéra’s (cactushagen) omheinde terreinen.

De noordelijke helft van Bonaire is tamelijk groen en heuvelachtig. In het noordwesten ligt het grote natuurreservaat Washington-Slagbaai Nationaal Park dat met een oppervlakte van 60 km2 bijna eenvijfde deel van het eiland beslaat. In het park strekt zich een afwisselend landschap uit met zoutmeren, baaien en strandjes tussen lavarotsen, agaven, aloëplanten en heuvels met torenhoge kadushi-cactussen.

Ook Bonaire’s hoogste ‘berg’, de Brandaris (240 m) is er te vinden. Deze maakt deel uit van een heuvelrug met verschillende toppen tussen de 150 en 200 meter. Ten zuidoosten van het park, op het midden van het eiland, ligt een kalksteen-terrassenlandschap dat verder zuidwaarts overgaat in het veel vlakkere zuiden.

In het drogere, platte zuiden van Bonaire (een groot deel van het land komt er nauwelijks boven de zeespiegel uit), liggen de ‘pannen’ (meren) van de zoutindustrie. Het reservaat achter het langwerpige Pekelmeer wordt bewoond door grote kolonies flamingo’s. Aan deze kant van het eiland zijn ook de bekende slavenhuisjes te vinden.

In het zuidoosten van Bonaire ten slotte, ligt het bijzondere natuurgebied van Lac Bay. Lac is een gedeeltelijk door koraalriffen omsloten lagune, dankzij de noordoostpassaat een heel geschikte locatie voor windsurfers. Er zijn een paar stranden en kleinschalige accommodaties.

De lagune wordt aan de noordkant begrensd door mangrovebossen waar vogels nestelen of een stop maken op weg naar andere regionen. Het water tussen de begroeiing vormt bovendien een kraamkamer voor vissen en zeeschildpadden die zich te goed doen aan de zeegrassen. Een (snorkel)tocht per kajak is de ideale manier om de mangroven te verkennen.

Nutteloos

De eerste naam van de Benedenwindse Eilanden op de wereldkaart luidde Islas de Palo Brasil, genoemd naar de braziel- of verfhoutboom, een boomsoort die er toen nog volop voorkwam. Op een latere kaart staat de naam Islas de los Gigantes (eilanden van de reuzen) vanwege de indianen die zeker een kop groter waren dan de Spaanse ontdekkingsreizigers. Omdat ze er geen goud of andere mineralen vonden noemden de Spanjaarden de eilanden onder elkaar trouwens Islas Inutilas (nutteloze eilanden).

De naam Bonaire doet misschien denken aan het Franse bon air (goede lucht) maar stamt waarschijnlijk af van het indianenwoord bah-nah dat ‘laag land’ betekent. De Spaanse ontdekkingreizigers namen dit over van de oorspronkelijke bewoners waarna de naam evolueerde tot Banare en ten slotte tot Bonaire.

Een andere theorie gaat ervan uit dat de indianen de naam boy nayil gebruikten dat ‘huis van de zilveren slang’ betekent. De onschuldige zilverslang komt inderdaad op Bonaire voor.

Andere onderwerpen

  • Bevolking

    Een stukje van het prachtige eiland Bonaire
    De Antilliaanse cultuur is het bijzondere resultaat van ontmoetingen tussen allerlei volken uit verschillende werelddelen, met elk hun eigen tradities en...
  • Geloof en bijgeloof

    Kapelletje
    Met de Spanjaarden kwam in de zestiende eeuw het christendom naar de Antillen. De missionarissen bekeerden de indianen en zwarte slaven tot het rooms-katholieke...
  • Literatuur

    Diana Lebacs - afkomstig uit Bonaire
    Veeltaligheid is niet alleen het kenmerk van het gesproken woord, maar ook van de geschreven literatuur. Hedendaagse Antilliaanse en Arubaanse literatuur...
  • Muziekeiland

    Traditionele muziek
    Antillianen dansen graag en veel. Muziek en dans zijn een mengelmoes van West-Europese, Afrikaanse, Caribische en Latijns-Amerikaanse ritmes. In de slaventijd...
  • Volkslied van Bonaire

    Roze flamingo
    Tera di solo y suave bientoPatria orguyoso sali for’i lamáPueblo humilde sèmper contentoDi un kondukta tur pasti gabarePues laga nos trata tur diaPa sèmper nos...