Chiloé

Het eiland ‘Isla Grande de Chiloé’ is na Vuurland het grootste eiland van Chili en is ongeveer 180 km lang en 50 km breed. Chiloé maakt deel uit van de ‘Archipelago Chiloé’, een groep van 23 eilanden, en maakt deel uit van de Xe Región (Los Lagos). Een eigen sfeer en geschiedenis onderscheiden het eiland zo van de rest van de Xe Región dat de beschrijving ervan een apart hoofdstuk rechtvaardigt. Chiloé werd al vroeg in de koloniale tijd (1567) door de Spanjaarden veroverd en bleef drie eeuwen lang een geïsoleerde buitenpost tot de stichting van Puerto Montt in 1853. Gedurende die eeuwen ontwikkelde Chiloé een eigen cultuur op basis van Spaanse en Mapuche-elementen. De inwoners van Chiloé worden Chilotes genoemd en hebben vaak nog Mapuche-namen. De Chilote heeft karaktertrekken die zijn gevormd door het ruige weer, de zee, de eenzaamheid en het geloof. De typische Chilote-cultuur uit zich in een rijke folklore met tal van sagen en legendes, en een karakteristieke sfeer en architectuur in de vissersplaatsen met prachtige houten kerken en huizen. Door de langdurige isolering van het eiland is de bevolking op het eerste gezicht vrij stug en gesloten, maar bij nadere kennismaking juist buitengewoon gastvrij ten opzichte van bezoekers. Veel Chilenen roemen de sfeer en mystiek van Chiloé. Als bezoeker merk je zeker de aparte eilandsfeer, maar de Chilote-cultuur valt pas te doorgronden na een langer verblijf op het eiland. Het is de moeite waard om je voor een bezoek aan Chiloé te verdiepen in de geschiedenis en mythologie van het eiland. Een bezoek aan het streekmuseum van Ancud is een goede introductie in de cultuur van Chiloé. Een andere reden voor een bezoek aan Chiloé is naast de cultuur ook de ongerepte wildernis van het Parque Nacional de Chiloé.