Natuurreservaten en regionale parken

De spectaculaire en bochtige loop van de rivieren, de hellingen die langzaam afdalen naar de Povlakte, de meren en watervallen met op de achtergrond het profiel van de Apennijnen vormen de ongerepte natuurlijke omgeving van deze regio. Het landschap wordt gekenmerkt door grote variatie. Voor wandelaars, ‘trekkers’ en fietsers zijn er gemarkeerde wandel- en fietsroutes uitgezet, zoals voor mountainbikes.

1 – Het regionaal park van de honderd meren, hoog-Parmadal en Cedradal, ligt op de grens van Toscane, ten zuiden van Parma, voorbij Corniglio; het omvat de Apennijnen in de provincie Parma. De natuur bestaat uit meren, alpiene flora en bossen van kastanjes, berken en naaldbomen. De fauna omvat wolven, otters, reeën, wilde zwijnen, vossen, marters, arenden, buizerds, sperwers en uilen. Er zijn gemarkeerde wandelpaden.

2 - Het regionale rivierpark Stirone, tussen de provincies Parma en Piacenza, langs de Stirone, van Fidenza af, is 14 km lang. Het is een moerasgebied met rijke flora en fauna langs de rivier en eikenbos op de achtergrond. Bezienswaardig zijn de grotten van Vigoleno, het kasteel van Scipione en het openluchtmuseum bij Bocca. Wandelroutes zijn er bij Fidenza, Bocca en Pietra Nera.

3 - Het regionale park van de Taro ligt over een afstand van 20 km langs die rivier; het beslaat 2500 ha. Ornithologisch is het van groot belang: meer dan 200 soorten vogels komen hier voor. Ook zijn er veel moerbeibomen. Bezienswaardig zijn de kerken van Madregolo, Oppiano en Fornovo (de pieve) en de Villa Anguissola. Wandelingen zijn mogelijk naar de verlaten steengroeve van Chiesuole, naar de meren van Medesano en de bossen van Oppiano.

4 - Het Parco del Gigante, het regionale park van de Apennijnen boven Reggio Emilia, omvat 23.000 ha bergland tussen de passen van Lagastrella en Forbici. Het bezoekerscentrum is in Busana. In dit park zijn enkele van de hoogste toppen: Monte Cusna, Monte Prado en Alpe di Succiso en er groeit een typische bergvegetatie. Tussen de hoogtelijnen van 900 en 1800 m zijn vooral berken-, coniferen- en kastanjebossen, hoge heide en struiken. Er zijn herten, moeflons, vossen en eekhoorns, wolven, otters en arenden. Mooi zijn de Abetina Reale, een bosgebied, de gletsjermeren, de panoramische passen van Pietra Tagliata en Pratizzano en de watervallen van Lavachiello.In Cerreto Alpi is een watermuseum in een gerestaureerde molen. Het park heeft gemarkeerde wandelpaden, zoals naar het boven-Lioccadal, de bronnen van de Secchia, Monte Cavalbianco, het Calamonemeer met Monte Ventasso, de Lavachiello-watervallen, de venen van Sara, de Abetina Reale en de pas van Lama Lite.v

5 - Pietra di Bismantova is een imposante zandsteenformatie, meer dan 1000 m hoog en in de steentijd bewoond geweest, zoals blijkt uit de begraafplaats van Campo Pianelli. De Pietra werd al door Dante vermeld. Zij kan langs twee routes worden bezocht. De eerste begint bij de benedictijner hermitage aan de zuidoostzijde (15 minuten naar de top), de tweede begint bij Castelnuovo ne’Monti (ook per fiets). Vooral in de lente is de gemarkeerde route ‘Sentiero naturale di Bismantova’ interessant. In de Pietravallei en omgeving zijn karstverschijnselen te zien, ‘gessi triassici’. In de omgeving zijn diverse overnachtingsmogelijkheden door Agriturismo.

6 - Het Parco di Frignano, het regionale park van de Apennijnen boven Modena, omvat het hoogste deel van de Toscaans-Emiliaanse Apennijnen met als hoogste top de Monte Cimone (2165 m). Mooie gletsjermeren zijn Lago Santo en Lago Baccio. Andere meren, zoals Lago Scaffaiola en Lago Pratignano liggen in een veengebied op 1300 m hoogte op een prachtige hoogvlakte. Van west naar oost volgt het ene spectaculaire uitzicht op het andere: de weiden van San Geminiano, het Bosco Reale, de bergen Spicchio en Albano, de Saltellopas, de toppen van Romecchio, Monte Omo, de pas van Croce Arcana, de rivier Scoltenna, de Doccionewaterval boven Fellicarlo en de wilde Dragonebeek. De lagere delen hebben gemengde bossen en rododendrons en een rijke fauna, de hogere delen coniferen en berken. Bij de Lupopas (Sestole), dicht bij het Lago di Ninfa is de Esperia Botanische tuin van de Alpenclub van Modena, waar van mei tot september vele soorten alpiene en Apennijnse flora en medicinale planten bloeien. Mogelijke excursies: van Taburri naar de Libro Aperto (middelzwaar), van Cepanna Tassone naar Lago Pratignano (gemakkelijk), van Doccia naar Monte Cimone (vrij zwaar), van Lago Santo naar Monte Rondinaio (middelzwaar) en van Alpicella delle Radici naar de San Geminiano-weiden (gemakkelijk).

7 - Het regionale park van de Sassi di Roccamalatina ten zuiden van Modena, voorbij Vignola.Dit park van 1100 ha ligt tussen het Panarodal en de steile Sassiwand. Het is een mooi natuurgebied met historische dorpen, zoals de Pieve di Trebbio uit de 11e/12e eeuw en de middeleeuwse dorpen Castellino delle Formiche en Castellara. Er is een rijke flora en fauna. In voorjaar en herfst kleurt alles prachtig. Bezoekerscentra zijn: Centro Parco del Pieve di Trebbio en Centro Visita di Borgo dei Sassi, vertrekpunt van het pad naar de Sasso della Croce.

8 – Het regionaal park van Corno alle Scale, ten westen van Bologna bij Lizzano heeft een typische bergvegetatie. Het is bedekt met berken, kastanjes, naaldbomen en eiken. De hogere delen hebben struiken en bergflora. Interessant zijn de Dardagna-watervallen en die van Tanamalia. Er is een etnografisch museum in Poggiolforano. Bezoekerscentra zijn er in Pianaccio en Pian d’Ivo.

9 - Het regionaal historisch park van Monte Sole, bij Marzabotto, ten zuiden van Bologna, omvat de Renovallei en het Sottodal. Hier is een herdenkingszone voor de nazi-terreur van oktober 1944. Het park heeft gemengd en naaldbos en mediterrane flora. Ook bevinden zich hier Etruskische opgravingen.

10 - Het regionaal park van de Gessi di Bologna en de kloven van Abbadessa is een karstgebied met oplosverschijnselen in de kalksteen, zoals de Grotta della Spinola en de Grotta del Farneto. Er zijn paden naar de karstgebieden van Spipola-Acquafredda en Gaibola-Ranzana en naar de kloven van Abbadessa en de kleine rivieroase van Molina Grande.

11 - Het regionaal park van de abdij van Monteveglio, ten westen van Bologna, omvat een klooster met een middeleeuws dorp, gelegen tussen eiken en esdoorns.

12 - Het Nationaal park van de bossen van Casenta, Monte Falterona en Campigna is met 36.000 ha een groot park op de grens van Toscane. Aan de kant van de Romagna beslaat het de dalen van de Montone, Rabbi en Bidente. De Toscaanse kant betreft een deel van de Mugello, de Casentino en het boven-Arnodal bij Monte Falterona. Het centrale deel is het Casentinobos met historische plaatsen als Camaldoli en La Verna, waar de dichters Dante en Ariosto verbleven, evenals de heiligen San Francesco en San Remualdo. De plaats Bagno di Romagna aan de E 45 is het centrum van het Saviodal met een romaanse basiliek en het palazzo del Capitano. Het dorp Premilinore in het boven-Rabbidal is zuiver middeleeuws, evenals Fiumicello. Het bezoekerscentrum van het park is Santa Sofia in het Bidentedal. In Valbonella is een botanische tuin. Het dorp Tredosio heeft veel oude monumenten. Bij San Benedetto in Alpe is een kloosterruïne uit ca. 1000 en de Acquacheta-waterval, waarheen Dante vluchtte vanuit Firenze. Een bijzonder deel van het park is de Riserva Integrale di Sasso Frattino, de oudste van Italië, uit 1959. Mogelijke wandelingen: van de 300 km paden is het belangrijkste een deel van de Grote Apennijnenroute van de pas van Muraglione naar het Santuario van La Verna, langs Monte Falterona, Campigna en Camaldoli.

13 - Giardino delle Erbe, ten zuiden van Imola, provincie Ravenna, is de belangrijkste kruidentuin van Europa, met 400 soorten kruiden. In 1938 begon prof. Ceroni ermee. Thans is het een centrum van kennis over kruiden voor medicinale, cosmetische en culinaire doeleinden; voorts is het een universitair research- en experimenteerproject. De 14 soorten lavendel zijn beroemd. Vrijdags in juli en augustus vindt de Mercatino delle Erbe plaats in Casola. De piatto verde propageert het gebruik van kruiden in gerechten van de restaurants in de regio.

14 - Natuurpark van Carné, ten zuiden van Forlì, ligt in het typische karstlandschap aan de Veno di Gesso (kalkrichel), met dolines, onder de Monti Rontana; er zijn kloofdalen en veel grotten.

15 - Het natuurpark van Onferno, ten zuidwesten van Cattólica, provincie Rimini, ligt in de heuvels op de grens van Toscane. Hier bevindt zich de grootste vleermuispopulatie. Spectaculair zijn de zandsteenrotsen van de Ripa della Morte en er zijn veel karstformaties. Het bezoekerscentrum is in de Pieve di Santa Colomba, met een biologisch museum. Mooi is ook de Valle del torrente Ventena, te voet, te paard of per fiets te doorkruisen. Er is een pad, de Sentiero della Madonna della Pioggia.

16 - Het regionaal park van de Delta del Po is met 60.000 ha het grootste van de regionale parken. Het omvat het hele zuiden van de brede Po-delta. De Bosco della Mésola in het noordelijk deel is vooral bosgebied, met es, eik, esdoorn en populier. Langs de kust tot voorbij Ravenna zijn pijnbossen. In de delta komen 250 vogelsoorten voor. Van de vis is de paling van Comacchio het bekendst.