Economie

Middagpauze in een gitarenwinkel te Lapu-Lapu
Middagpauze in een gitarenwinkel te Lapu-Lapu

Op de Filippijnen wordt het overgrote deel van de werkgelegenheid geboden door de primaire economische sectoren landbouw en visserij. De landbouw wordt veelal nog op eenvoudige en arbeidsintensieve manier uitgeoefend. Tot de belangrijkste agrarische producten behoren rijst, suikerriet, maïs, bananen, kokosnoten (copra), abaca ('Manila-hennep'), ananas, cassave en zoete aardappelen. De geproduceerde rijst is vooral bestemd voor lokale consumptie. Er bestaat een grote variatie aan rijstrassen en het gewas wordt zowel verbouwd op geïrrigeerde akkers ('wet rice') als op drogere, niet-bevloeide terreinen ('dry rice'). Men heeft de rijstproductie aanzienlijk kunnen verhogen dankzij nieuwe rijstvariëteiten, ontwikkeld door het wereldbekende International Rice Research Institute bij Los Baños in de provincie Laguna. Met deze 'wonderrijst' zijn 3 oogsten per jaar mogelijk. Doordat bij het verbouwen van dergelijke rijst kunstmest en bestrijdingsmiddelen gebruikt worden zijn de kleine boeren echter meer afhankelijk geworden van leningen en bovendien wordt het milieu zwaarder belast.

<class="image-right" height="142" width="200">Veehouderij speelt in de agrarische sector een ondergeschikte rol. Voor de consumptie worden vooral varkens en kippen geteeld, maar relatief weinig runderen. De waterbuffel (karbouw) fungeert in de eerste plaats als trek- en lastdier en is voor de vleesproductie minder van belang. De visserij wordt voor een groot deel uitgevoerd met behulp van kleine uitleggerboten, waarmee vooral dicht bij de kust gevist wordt. De totale vangst (vis, inclusief overige zeedieren als mosselen) bedroeg gedurende het afgelopen decennium jaarlijks circa 2,3 miljoen ton. Ten gevolge van overbevissing, illegale vispraktijken (o.a. dynamietvisserij) en vervuiling is er in verscheidene gebieden sprake van een achteruitgang in de visstand. In toenemende mate worden vis en garnalen geteeld in speciale kwekerijen ('aquacultuur'), welke vooral worden aangelegd in brakwaterzones.

Houtkap, vaak versluierend aangeduid als 'houtproductie' of 'bosbouw', is vooral gedurende de periode na de Tweede Wereldoorlog een economische activiteit van betekenis geworden. Inmiddels is echter het grootste deel van het oorspronkelijke bosareaal verdwenen en kan men helaas constateren dat op veel plaatsen sprake is van ernstige bodemerosie. Wat betreft mijnbouw behoren de Filippijnen tot de belangrijkste koper- en chroomproducenten in de wereld. De kopenmijn bij Toledo op het eiland Cebu was een van de grootste kopermijnen in Azië, maar is thans niet meer in gebruik. Tot de overige delfstoffen die in de archipel gewonnen worden behoren goud, ijzer, steenkool en marmer. Industriële ondernemingen zijn vooral geconcentreerd in de regio Manila, waar zowel sprake is van goede aan- en afvoermogelijkheden als van een groot aanbod aan arbeidskrachten. Belangrijke industriële centra bevinden zich verder onder andere in de exportproductiezones op het schiereiland Bataan en op Mactan Island bij Cebu. Voor de energieleverantie zijn de Filippijnen voor het grootste deel afhankelijk van geïmporteerde aardolie. De laatste jaren wordt ongeveer een vijfde deel van de nationale energiebehoefte geleverd door geothermische centrales. Er zijn ook verscheidene water-krachtcentrales.

Een belangrijke bijdrage in de nationale economie vormen de overboekingen van Filippijnse arbeidskrachten in het buitenland(vaak aangeduid als Philippine Overseas Workers ofwel POW). Jaarlijks wordt door hen circa 7 miljard dollar overgemaakt naar bankrekeningen in de archipel. Van de Filippijnse export ging de laatste jaren circa 20 % naar de Verenigde Staten en ruim 15 % naar Japan. Andere belangrijke exportbestemmingen zijn China (vooral Hongkong), Maleisië, Singapore, Taiwan, Groot-Britannië, Duitsland en Nederland. Ook wat betreft import zijn Japan en de Verenigde Staten de belangrijkste handelspartners (elk voorzien in circa een vijfde deel van de totale import). Sinds 1992 zijn de Amerikaanse militaire bases op de Filippijnen niet meer in bedrijf. Als gevolg hiervan spelen de Verenigde Staten nu een minder nadrukkelijke rol in de economische ontwikkeling van de archipel. De invloed van Japan wordt steeds duidelijker merkbaar. Dit uit zich onder andere in het toenemende aantal Japanse investeringen in de toeristische sector. De laatste decennia is er sprake van een sterke groei van het toerisme. De stagnatie tijdens het midden van de jaren tachtig als gevolg van politieke onrust bleek gelukkig van tijdelijke aard. Thans bezoeken jaarlijks enkele miljoenen reizigers de Filippijnen en daarmee is het toerisme een economische factor van belang geworden. Een belangrijk deel (circa 40 %) van de toeristenstroom is afkomstig uit Japan en andere Oost-Aziatische landen als Taiwan en Korea. De Japanners maken relatief vaak gebruik van de luxe en prijzige accommodaties. De categorie 'rugzakreiziger' is vooral afkomstig uit landen als de Verenigde Staten, Australië en Duitsland. De laatste jaren blijken ook steeds meer Nederlandse en Belgische globetrotters de gevarieerde toeristische mogelijkheden van het Filippijnse eilandenrijk te ontdekken.

Andere onderwerpen

  • Topografie en klimaat

    De kerktoren van Cagsawa, dramatische herinnering aan een eruptie van de Mayon Vulkaan
    De Filippijnen vormen de noordelijke component van het immense eilandenrijk dat zich uitstrekt tussen Australië en het vasteland van Zuidoost-Azië. Het merendeel...