JanjangBureh

Voormalig slavenhuis in JanjangBureh
Voormalig slavenhuis in JanjangBureh

JanjangBureh is over het algemeen beter bekend als: Georgetown, genoemd naar de vroegere Britse koning George III (hoewel anderen beweren dat het koning George IV was).

In de loop van 1996 en 1997 werden diverse namen die herinnerden aan de koloniale tijd officieel gewijzigd. Dat geldt voor diverse straatnamen in Banjul, dat geldt in sterkere mate voor dit gedeeelte van het land. MacCarthy Island Division werd Central River Division, MacCarthy Island, waar Georgetown op gelegen is, werd JanjangBureh Island, Georgetown werd JanjangBureh.

De naam JanjangBureh wordt op verschillende manieren geschreven. Zoals hiervoor geschreven is het juist (de naam komt van de twee broers die er in 1832 als eersten een compound vestigden: Janjang en Bureh). Jangjanbureh, Jangjangbureh, Janjanbureh en nog diverse andere combinaties zijn denkbaar, overal wordt hetzelfde bedoeld. Ook officieel wordt op vele plaatsen overigens nog gesproken over Georgetown.

Een bezoek aan JanjangBureh, het vroegere Georgetown dus, is een must. Als u terugreist via de noordelijke oever, kunt u het ook op de terugweg aandoen. Als u zich op de zuidelijke oever van de rivier Gambia bevindt, gaat u naar links bij Yoro Berry Kunda.

Voor het veer bevindt zich langs de weg een borstbeeld van Frank D. Lee, van 30 april 1966 tot 29 november 1969 de verantwoordelijke man ter plekke voor de Chinese agrarische hulp aan Gambia, die daar tijdens zijn werk is overleden. De Chinezen hebben in de jaren 1960 een enorme inspanning gepleegd om de landbouw in Gambia te introduceren en te intensiveren en ze zijn daarin tot op grote hoogte geslaagd. Nabij Sankuli Kunda bevinden zich nog steeds rijstvelden die met Chinese hulp zijn aangelegd.

Het veer zelf is geschikt voor wielrijders en voetgangers, maar er kunnen ook enkele auto’s op. Soms is het zo dat de mannen aan stuurboord, de vrouwen aan bakboord plaatsnemen (er even van uitgaand dat de achterzijde van de pont zich aan de zuidoeverkant bevindt). Dat heeft natuurlijk z’n reden. De pont heeft een motor, maar als gevolg van brandstofgebrek werkt deze niet altijd. De pont beweegt zich naar de overkant langs een kabel en als de motor buiten gebruik is worden de mannen geacht de pont met handkracht naar JanjangBureh Island te brengen.

JanjangBureh is een klein plaatsje met ongeveer 3600 inwoners, een aantal dat geleidelijk minder wordt. Het ligt op het JanjangBureh Island (tot voor kort MacCarthy Island en vóór de aankoop door de Britten: Lemain Island) en het is tevens de hoofdstad van de division. Het was de tweede Britse nederzetting in Gambia en jarenlang, na Banjul, de tweede belangrijkste plaats in Gambia. In de tijd van de slavenhandel (soms had men hier honderden slaven ‘op voorraad’) was het van enorme economische betekenis. De ligging maakte het over water gemakkelijk bereikbaar.

U zult merken dat de plaats een min of meer geordend stratenplan heeft, naar Brits model. Direct naast het veer naar Lameng Koto op de noordelijke oever, treft u het grote slavenhuis aan. De gebouwen zijn lange tijd verwaarloosd geweest, op particulier initiatief is het allemaal wat opgeknapt en men vraagt soms ook een bijdrage in de onderhoudskosten in de vorm van een soort entreeheffing.

Als u zich voorstelt dat hier in de loop der jaren vele duizenden gevangenen op transport gewacht hebben, om elders in de wereld (zo zij de tocht al overleefden) als slaaf verkocht te worden, dan is de uitdrukking: ‘als muren konden spreken…’ hier wel héél erg van toepassing. Als het slavenhuis te klein was voor de hoeveelheid slaven die op transport wachtten, werd gebruikgemaakt van het huis ernaast. Daar waren de Britse officieren ingekwartierd.

De slaven die hier terechtkwamen, waren zo mogelijk nog slechter af dan zij die zich in het slavenhuis zélf bevonden. Zij werden namelijk ondergebracht in de kelder van het huis. U kunt het ‘verblijf’ (gebukt en tegen betaling) binnenwandelen, maar als u niet van vleermuizen houdt, kunt u het ook zó geloven.

De Britten schijnen ooit van plan geweest te zijn om van JanjangBureh, nadat de slavenhandel verboden werd, een soort verbanningsoord te maken. Dat is er nooit van gekomen, maar er waren al diverse maatregelen getroffen om dit te realiseren. Dat is dan ook de reden dat zich in JanjangBureh, ondanks de geringe huidige betekenis ervan, een van de drie gevangenissen bevindt die Gambia rijk is. In de gevangenis bevinden zich voornamelijk kortgestraften.

In JanjangBureh bevindt zich de ‘Chiefs School’. Vroeger was deze school het neusje van de zalm op het gebied van opvoeding en onderwijs. De school was bestemd voor de zonen van dorps- en districtshoofden, die uit de wijde omgeving erheen gestuurd werden om onderwijs te ontvangen. De kinderen kregen onderwijs in de Engelse taal en letterkunde en hun werden vele aspecten van de westerse cultuur bijgebracht. In 1927 werd de school uitgebreid en kreeg ze de huidige naam: The Armitage School, voorheen, en nog steeds bekend als Armitage High School, genoemd naar C.H. Armitage, de Britse gouverneur in Gambia tussen 1920 en 1927.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, wordt er momenteel hoofdzakelijk basisonderwijs gegeven. Dat gebeurt aan ruim 500 leerlingen die overal vandaan komen, zélfs uit Senegal en andere West-Afrikaanse landen. Op slechts zeer beperkte manier wordt inhoud gegeven aan het woord ‘High School’. Er is enig vervolgonderwijs mogelijk, maar niet op highschoolniveau. De kinderen die vervolgonderwijs volgen verblijven er (en dat is uniek in Gambia) intern. Bij de ingang staat een bord waarop te lezen staat: ‘Enter to learn, go forth to serve’, ‘kom binnen om te leren, ga uit om te dienen’.

De leerlingen, merendeels jongens, komen uit Engels sprekende gezinnen. Het onderricht vindt, ook diep in het binnenland, plaats in de Engelse taal. De school is armlastig en u zult ongetwijfeld gevraagd worden om een financiële bijdrage. Dankzij deze bijdragen en veel zelfwerkzaamheid is het (nog) mogelijk onderwijs via deze school in stand te houden. Voor een voortgezette opleiding zijn de kinderen aangewezen op scholen in Banjul en Brikama.

Gambia kent sinds 1997 een universitaire opleiding gericht op landbouw en veeteelt. Deze landbouwhogeschool bevindt zich nabij Brikama. Voor veel andere universitaire studies gaat men naar Groot-Brittannië of de Verenigde Staten, een enkeling naar het vasteland van Europa. Behalve de Armitage High School is ook een belangrijke school van de methodistenkerk in JanjangBureh gevestigd. Hier wordt zowel basis- als voortgezet onderwijs gegeven. De kinderen die deze school bezoeken, ruim 800 in getal, komen eveneens overal vandaan.

Een bezoek aan de scholen is de moeite waard, maar neem iets aardigs mee: een doos balpennen, wat oude kleding, of iets dergelijks. Natuurlijk zijn financiële bijdragen meer dan welkom. Als u een school bezoekt, wordt u (en niet alleen in JanjangBureh) meteen een rondleiding aangeboden. Neem er de tijd voor en houd uw camera in de aanslag, doorgaans zingen de kinderen u toe en soms voeren ze zelfs een traditioneel dansje uit. U maakt de opnamen van uw leven!

JanjangBureh raakt geleidelijk aan in verval. De aanleg van de Transgambia Highway heeft de economische betekenis van de plaats in hoog tempo verminderd.

Vanuit JanjangBureh kunt u het verder oostelijk gelegen gedeelte van Gambia bezoeken. Met name in Basse Santa Su zijn wel overnachtingsmogelijkheden, zoals het JEM Hotel of het op de noordoever gelegen Fulladu Camp. U kunt ook een paar overnachtingen in JanjangBureh plannen en van daaruit het oosten, zowel via de noordoever als via de zuidoever verder verkennen.

U kunt ook de rivier opvaren voor vogelsafari’s en ontmoetingen met krokodillen en, wie weet, misschien wel nijlpaarden. Met de veerboot keert u terug naar de hoofdweg en vervolgt u uw reis in oostelijke richting.

Bestemmingen in de omgeving van JanjangBureh

  • Bansang

    Bansang kliniek
    De volgende plaats die u beslist moet bezoeken is Bansang. Het is een drukke plaats, belangrijk vanwege de streekmarkt die vroeger in JanjangBureh gehouden werd...
  • Basse Santa Su

    Basse Santa Su
    Basse Santa Su is de grootste plaats ten oosten van Brikama en tevens houdt hier het (ooit) geasfalteerde gedeelte van de Transgambia Highway op. Basse is de...
  • Soma

    Soma, transgambia highway
    Soma ligt ongeveer halverwege tussen de kust en Basse Santa Su. Soma is van grote economische betekenis voor de omgeving en u vindt er een douanekantoor en een...

Kaart van JanjangBureh en omgeving

Reacties

Wij hebben sind 10 jaar een jongen in Gambia geholpen met spullen voor onderwijs. Nu wil hij, hij is inmiddels 24, verder studeren. Hij zegt zelf dat hij highschool heeft gedaan, maar heeft geen cetificaat of iets anders op papier. Het liefst komt Hij naar Nederland, maar wij denken dat zijn Engels niet toereikend is voor de studies die hij ambieert. Hij wil graag, rechten, journalistiek of voor gids studeren. Kunnen wij hem hierbij helpen? En zo ja wat is de goede weg? Heeft U nog informatie waar we mee verder kunnen? Dan vernemen wij dat graag van U. Met vriendelijke groet, Heleen Hulskes en Toon van der Struijk

Helaas kunnen wij u hierbij niet helpen. De omstandigheden zijn altijd persoon-specifiek. Ik raadt u aan om contact op te nemen met de Nederlandse ambassade of het Nederlands consulaat in Gambia. Ambassade: Rue Jaques Bugnicourt B.P.3262 Dakar (Senegal) tel.00221 849 0360 http://www.nederlandse-ambassade.nl/senegal-dakar.html E-mail: dakardak@minbuza.nl Nederlands consulaat: Bezoekadres: Bertil Harding Highway (gebouw van African Centre for Democracy and Human Rights Studies in Kololi. Bezoektijden: 09.00-13.00 uur (in noodgevallen voor Nederlanders van 14.00-16.00 uur. 00220 446 1958 (bij noodgevallen 00220 449 5171) j 446 1957, postadres: Box 2600, Serekunda. Veel succes!