Literatuur

Van de oorspronkelijke Maya-literatuur is helaas bijna niets behouden gebleven als gevolg van de boekverbrandingen door de Spanjaarden en het vochtige tropische klimaat. Er zijn vier zgn. codices bewaard gebleven, waarvan er drie naar hun vindplaats zijn genoemd nl. Dresden, Parijs en Madrid. De Grolier codex dankt zijn naam aan de sponsor die de eerste expositie van deze codex financierde.

Voor de bladen van deze boeken werd de binnenkant van de schors van een wilde vijgenboom gebruikt. Deze schors werd in lange repen gesneden en met kalk of een soort stuc bestreken en in harmonicavorm gevouwen. Beide zijden worden gebruikt.

De Dresdner codex is 3,65 m lang en 20,5 cm hoog en bestaat uit 39 bladen, die elk 9 cm breed zijn. De codex van Madrid is 66,5 m lang en bestaat uit 56 bladen. Men vermoedt dat deze codices uit de postklassieke tijd stammen, maar dat er in de klassieke tijd ook dergelijke boeken gemaakt werden. Ook de plaats van ontstaan is onbekend.

Men denkt dat de Dresdner codex een kopie is van een ouder exemplaar, omdat er naast de klassieke Maya-traditie ook Tol-teeks-Mexicaanse invloeden zichtbaar zijn. Waarschijnlijk is dit manuscript in de 13e eeuw ontstaan; het bevat mythisch-astrologische aantekeningen, alsmede teksten die verband houden met de kalender.

Uit de postklassieke periode zijn nog drie andere bronnen bewaard gebleven, die de geschiedenis en de mythen van de Hoog-land-Maya’s beschrijven. De bekendste is de Popol Vuh, de Quiché-bijbel, die in de 17e eeuw door Padre Ximenez uit het Quiché in het Spaans werd vertaald. Dit ‘boek van de raad’ is inmiddels in vele talen vertaald. Uitgeverij Ankh-Hermes (Deventer) heeft een Nederlandse vertaling opgenomen in haar serie ‘Grote Klassieken’ (zie ook Indiaans Guatemala, blz. 28). De twee andere zijn: Annalen van de Cakchiquels, waarin de geschiedenis van de Quichés en de Cakchiquels wordt beschreven een eeuw voor de conquista en Título de los señores de Totonicapán, een soort aanvulling op de Popol Vuh die rond 1554 geschreven is en in de 18e eeuw door een indiaanse priester in het Spaans werd vertaald.

In de tijd van de verovering verscheen Historia de Guatemala o Recordación Florida van Francisco Fuentes y Guzman, evenals La Historia Verdadera de la Conquista de Nueva España van Bernal Diaz del Castillo. Bisschop Diego de Landa die verantwoordelijk was voor de boekverbrandingen van de Maya-codices schreef Relación de las cosas de Yucatán, waardoor we vreemd genoeg veel te weten komen over de indiaanse manier van leven in die tijd. Rafael Landívar was de grootste dichter van het koloniale tijdperk en hij werd bekend door zijn werk Rusticato Mexicana, dat hij in ballingschap in Mexico schreef.

De schrijver Miguel Angel Asturias, die in 1899 geboren werd als zoon van een indiaanse moeder en een ladino vader, voelde zich sterk verbonden met de wereld van de indianen. In zijn eerste prozawerk ‘Leyendas de Guatemala’ beschreef hij enkele mythen van de Maya-bevolking. Aan de Sorbonne vertaalde hij de heilige boeken van de Maya’s. Zijn latere werk is meer gewijd aan de sociale en politieke omstandigheden van de indiaanse bevolking in Guatemala. Deze geëngageerde houding vloeide voort uit het feit dat hij opgroeide tijdens de dictatuur van Estrada Cabrera. Hij was als student dan ook betrokken bij het verzet tegen deze dictatuur. Daarna ging hij in de journalistiek en tijdens de regering van Arévalo begon zijn diplomatieke loopbaan. Hij was een van de eerste politieke vluchtelingen als gevolg van de Amerikaanse inval in 1954. Hij vluchtte naar Argentinië en schreef daar ‘Weekend in Guatemala’ (1956) waarin de coup en het verzet het hoofdthema vormen. Hij woonde later in Europa: in Frankrijk en Italië. Na 1966 was Asturias een enigszins omstreden persoon vanwege het feit dat hij een ambassadeurschap in Parijs had aanvaard onder de repressieve regering van Mendez Montenegro. In 1966 kreeg hij de Lenin-vredesprijs en in 1967 kreeg hij de Nobelprijs voor literatuur.

Zijn meest door hemzelf gewaardeerde roman is ‘Hombres de Maiz’ (1949) waarin hij de uitbuiting en onderdrukking van de indianen beschrijft. Tussen 1950 en 1960 schreef hij de trilogie ‘Viento fierte’, ‘El papa verde’ en ‘Los ojos de los enterados’, een aanklacht tegen de United Fruit Company. Hij schreef nog vele andere essays, toneelstukken, verhalen en gedichten. In 1974 stierf hij. Bij uitgeverij Van Gennep is een aantal vertalingen van zijn werk uitgekomen.

Een andere revolutionaire schrijver is de dichter Otto René Castillo die al tijdens zijn middelbareschooljaren actief lid was van de Communistische Partij. In 1954 moest hij vluchten en kwam terecht in El Salvador waar hij in 1955 de Centraal-Amerikaanse poëzieprijs voor studenten ontving. In zijn gedichten eert Castillo de indianen. In 1957 keerde hij terug om zijn studie rechten en sociale wetenschappen aan de San Carlos-universiteit voort te zetten. Vervolgens kreeg hij een studiebeurs om in Leipzig (Oost-Duitsland) verder te studeren. In 1962 sloot hij zich aan bij de Jorens Ivens-brigade die naar Latijns-Amerika ging om de bevrijdingsstrijd vast te leggen. Omdat hij contacten had met de guerrillabeweging werd hij verbannen en ontplooide hij activiteiten in het buitenland om het Guatemalaanse verzet te steunen. Na een verblijf in Cuba vestigde hij zich definitief in Guatemala en sloot zich aan bij de guerrilla-organisatie FAR. In 1967 werd hij in een gevecht met het leger gevangengenomen. Op 31-jarige leeftijd stierf hij ten slotte als gevolg van martelingen.

Hij schreef veel liefdesgedichten en politiek-ideologische werken. In 1964 verscheen de bundel Tecun Umán en in 1968 werd de bundel ‘Vamonos patria a caminar’ postuum uitgebracht.

Een meer hedendaags werk over de onderdrukking van de indianen is Rigoberta Menchú, een bericht uit Guatemala opgetekend door de Venezolaanse etnologe Elisabeth Burgos-Debray, die daarvoor de Casa de las Americas-prijs 1983 ontving. Het boek gaat over de indiaanse Quiché-vrouw Rigoberta Menchú die zich bewust wordt van de armzalige situatie van de indianen in Guatemala, een opleiding volgt en ten slotte lid wordt van de revolutionaire boerenorganisatie CUC, waarin ze een leidende rol gaat spelen. De eerste helft van het boek gaat over de tradities en gewoonten van de Quiché-indianen. De tweede helft beschrijft vooral de politieke situatie in Guatemala in 1979 en haar familieleden die, omdat ze lid zijn van de CUC, vermoord worden. Het is een aangrijpend boek dat heel veel informatie geeft over de indiaanse manier van leven en denken. Het is als Geuzenpocket uitgegeven bij uitgeverij De Geus. (zie ook Rigoberta Menchú, Nobelprijswinnares 1992)

Maya de Guatemala, Vida y traje (Maya of Guatemala, Life and dress) van Carmen L. Pettersen geeft door middel van schitterende aquarellen en verhalen in het Spaans en Engels een overzicht van de inheemse textielcultuur van Guatemala.

In 1988 verscheen bij uitgeverij Het Wereldvenster de verhalenbundel Gele konijnen in de hemel, literatuur uit Guatemala waarin verhalen en fragmenten opgenomen zijn van diverse auteurs onder wie Miguel Angel Asturias.

In de Derde Sprekersserie van de Novib is de verhalenbundel ‘Chuapi punchapi tutayaca, verhalen over indianen’ (1984) verschenen met verhalen van diverse Latijns-Amerikaanse auteurs onder wie de Guatemalaan Mario Monteforte Toledo.

Ook kan ik je het volgende boek sterk aanbevelen: De quetzal en de gier van de Amerikaanse schrijver Jonathan Evan Maslow. Dit boek beschrijft de reis van de schrijver met zijn vriend, een fotograaf, naar Guatemala in 1983, waarbij ze op zoek gaan naar de quetzal, de legendarische, goddelijke vogel van de Maya’s en het symbool van de vrijheid. Deze vogel is echter nauwelijks te vinden in tegenstelling tot de zopilote, de zwarte gier, de vogel van de dood. Dit is symbolisch voor het land waarin de indianen onderdrukt worden en de politieke oppositie geliquideerd wordt. Tevens wordt de natuur, waaronder de prachtige nevelwouden die door de quetzal bewoond worden, enorm aangetast. Dit boek is een fascinerende combinatie van een reisboek, een boek over vogels en een (politieke) beschrijving van het land. Vooral de sfeer is bijzonder intrigerend, hoewel de huidige situatie gelukkig iets beter te noemen is.

Eveneens interessant is Sweet waist of America, journeys auround Guatemala van de Britse schrijver Anthony Daniels. In 1987 en ‘88 verbleef hij acht maanden in Guatemala en in zijn boek probeert hij een zo genuanceerd mogelijk beeld van het land te schetsen waarbij feiten en persoonlijke ervaringen met elkaar verweven worden.

De geur van Copal, een reis door Guatemala en Belize van Loretta Iterson is een persoonlijk reisverslag dat op geraffineerde wijze de typisch Guatemalaanse sfeer oproept. Zij heeft dit boek in eigen beheer uitgegeven en je kunt het in de gespecialiseerde (reis)boekhandel kopen of het bij haar bestellen door Ä?8,85 over te maken op gironummer 6596035 t.n.v. Van Iterson, Baarn, onder vermelding van ‘Copal’.

Tussen God en goud, vijfhonderd jaar evangelisatie van Indianen in Latijns-Amerika werd geschreven door de theoloog Mario Coolen, die tussen 1972 en 1980 werkzaam was in Guatemala. Hij beschrijft de ‘ontmoeting’ tussen de Spanjaarden en de indianen en de vreselijke gevolgen hiervan. Het boekje is een uitgave van Solidaridad (1994).

In Mensen van maïs dat samengesteld en vertaald is door Mario Coolen zijn de Maya’s zelf aan het woord met legenden over hun ontstaansgeschiedenis en de ontdekking van de maïs; met gedachten over Vader Zon en Moeder Aarde en met gebeden bij zaai- en oogstrituelen, bij verloving en huwelijk en bij geboorte en dood. Dit boekje is in 1996 uitgegeven door Solidaridad, 9030-2720313.

Hart van de Maya’s, Mario Coolen (2000) gaat over de cultuur, spiritualiteit en strijd van de Maya’s. Het eerste deel beschrijft de wortels van de Maya-cultuur met de maankalender, de heilige maïs en de verhouding met Moeder Aarde. In deel 2 staat de recente geschiedenis van onderdrukking, burgeroorlog, het herbegraven van de slachtoffers en gerechtigheid van de Maya’s centraal. Dit boekje is eveneens een uitgave van Solidaridad.

Hart voor de aarde, Mario Coolen (2003) bevat een mooie bloemlezing met teksten van en over de Maya’s waarin spiritualiteit en mensenrechten besproken worden. Het is wederom een uitgave van Solidaridad en kan besteld worden door 15 euro over te maken op giro 180444 t.n.v. Solidaridad, Utrecht o.v.v. Hart voor de Aarde.

Se levantan (De doden staan op) is een aangrijpend fotoboek met Spaanstalige teksten, met vertaling, over het opgraven van 138 clandestiene massagraven in de regio El Quiché gedurende de periode van augustus 1998 tot en met augustus 2001. Zo kregen de slachtoffers van de burgeroorlog van 1960 tot en met 1996 alsnog een waardige begrafenis. Ook dit boek is voor 15 euro te bestellen bij Solidaridad (zie hierboven).

Mayan Folktales, folklore from Lake Atitlán, Guatemala, deze werden verzameld en vertaald door James D. Sexton. Deze antrolopo-loog heeft vanaf 1970 elfmaal in Guatemala rondgereisd en werd hierbij geassisteerd door Ignacio Bizarro Ujpán. Deze bundel bestaat uit diverse soorten verhalen zoals dorpsverhalen, legenden over sjamanen, fabels over nahuales etc.

Guatemala, landenreeks, Cees Zoon, KIT Publishers/ Oxfam Novib, is een recentelijk (2007) verschenen, helder geschreven boekje met veel feitelijke informatie over de geschiedenis, de onderdrukking van de indígenas en de economische en sociale omstandigheden. Het is voor Ä?14.50 verkrijgbaar in de boekhandel of bij het KIT, 9020-5688272.

Te Gast in Guatemala/Honduras bevat dertien artikelen over diverse onderwerpen variërend van etno-toerisme tot de viering van Allerzielen. Midden in het boekje is praktische informatie te vinden. Het is een uitgave van Informatie Verre Reizen, www.tegastin.nl.

Antigua Guatemala: the City and its Heritage, Elizabeth Bell (1999) is een informatieve gids over de geschiedenis, de monumenten, de musea en de huizen van Antigua en zijn omgeving. Ook worden historische figuren besproken. Aan het einde wordt een chronologische lijst gegeven met aardbevingen van 1526 tot 1998 evenals de geregistreerde erupties van de vulkaan Fuego. Het boek is in diverse boekhandels in Guatemala te koop.

A Mayan Life, Gaspar Pedro González, (1995) is de eerste novelle van een schrijver van Maya-afkomst. Hij is onderwijskundige en doceert Maya-literatuur. Het verhaal gaat over Lwin, een Q’anjob’al Maya die in een gehucht in de Cuchumatanes-bergen leeft en een ware strijd om het bestaan moet voeren. Dit boek schetst een realistisch beeld van de leefwijze van de huidige inheemse bevolking van Guatemala.

Na de vrede, Rodrigo Rey Rosa, (1997), is een novelle over de situatie van jonge mensen in Guatemala na de ondertekening van het vredesakkoord. In zeer sober proza met een minimum aan milieubeschrijvingen schetst de jonge auteur (1958) een sfeer van geweld en verraad waarbij een spionerende bejaarde Engelse antropoloog, een jonge ex-militair en een progressieve studente verwikkeld raken in een gecompliceerde situatie. Twee andere titels van hem zijn: Bomengevangenis/De schepenlichter en Wat Sebastiaan droomde. Zijn nieuwste boek is Betoverde stenen dat over de gebeurtenissen rond een geadopteerd kind gaat. De kracht van deze schrijver schuilt in het veel zeggen met weinig woorden.

Rigoberta, kleindochter van de Maya’s, Rigoberta Menchú, (1999) is het vervolg op haar autobiografie. Het beschrijft de herinneringen en emoties van de laatste vijftien jaar van haar leven. Het is een chaotisch geheel wat tegelijkertijd ook de charme van het boek is. In de tien niet-chronologisch gerangschikte hoofdstukken lopen politieke realiteit, jeugdherinneringen en indiaanse kosmovisie door elkaar. In tegenstelling tot haar vorige boek vertelt Rigoberta veel over haar moeder, die de indiaanse kosmovisie op haar overdaagt. Ook haar geboortedorp Chimel speelt een belangrijke rol. Ondanks de moeilijke omstandigheden in Guatemala gelooft Rigoberta in een interculturele samenleving waarin de rechten van alle volkeren gerespecteerd worden.

De dans van de trom, een Maya-ritueel van antropoloog Ruud van Akkeren, uitgeverij Conserve, heeft de Rabinal Achí, het enige inheemse dansdrama als basis voor het verhaal. Op een filmische manier schetst de schrijver het verhaal rond de dans, waarbij het wereldbeeld en de filosofische achtergrond van de Maya-cultuur goed naar voren komen.

Andere onderwerpen

  • Flora en fauna

    Quetzal
    De vegetatie in het hoogland bestaat voor het grootste deel uit naaldbomen zoals cipressen, dennen en pijnbomen. Een klein gedeelte van het hout wordt als...
  • Land en Volk

    Inheems meisje
    Guatemala is met zijn ruim tien miljoen inwoners het dichtstbevolkte land van Midden-Amerika en het enige dat grotendeels Indiaans is in taal en cultuur. De...
  • Landschap en klimaat

    Nevel tussen de jungle in de Petén-regio
    Guatemala is geografisch te verdelen in vier regio’s: het hoogland, de hellingen aan beide zijden, de Caribische en Pacifische kust-vlaktes en de Petén-regio. In...