De Siciliaanse keuken

Arancini uit Palermo
Arancini uit Palermo

In de turbulente geschiedenis van Sicilië is het eiland vele malen door vreemde machten veroverd. Daarmee zijn ook de culinaire gebruiken beïnvloed. Zo verrijkten Grieken, Arabieren, Normandiërs, Fransen en Spanjaarden de inheemse keuken, die waarlijk cosmopolitisch werd en oost en west overbrugde.

De locale grondstoffen

De Arabieren hebben in de 10e en 11e eeuw een grote bijdrage geleverd door toepassing van irrigatie en het introduceren van nieuwe gewassen, zoals de citroen en de sinaasappel. In de landbouw trad een regionale specialisatie op: citrus wordt vooral verbouwd op de vruchtbare oostelijke kustvlakte, olijf, wijn, amandel en pistache tot 700 m hoogte, gerst en tarwe vooral in het binnenland. Veeteelt is altijd van ondergeschikt belang geweest door het ontbreken van goede weidegronden.

Tarwe

De Grieken verbouwden tarwe en gerst, de Romeinen maakten van Sicilië zelfs de korenschuur van hun rijk. Tegenwoordig zijn citrus en wijn de voornaamste agrarische produkten, hoewel brood en pasta het basisvoedsel vormen.

Citrusfruit

Sicilië heeft een aanzienlijke productie van citroen en sinaasappel met grote export. Verschillende rassen worden het jaar rond geproduceerd, vooral op de vlakte bij Catania en bij Palermo. Citroen wordt vooral gekweekt langs de Tyrrheense kust van Palermo tot Messina.

Gedroogd fruit

Amandel. De amandelboom gedijt op arme grond, vooral in de provincie Agrigento, rond Syracuse, aan de ZW-hellingen van de Etna en bij Caltanissetta. Amandelen worden vooral geroosterd of in nougat verwerkt; ook in likeuren als Amaretto en Mandorla.

Pistache. Deze plant groeit vooral op de hellingen van de Etna op 300-700 m hoogte en is bestand tegen extreme temperaturen. Het centrum is Bronte. De noten worden geroosterd of verwerkt in ijs en andere desserts.

Hazelnoot. De provincie Messina is het voornaamste productiegebied voor hazelnoot van Italië. De boom groeit op vochtige berghellingen. De noten gaan vooral naar de zoetwarenindustrie.

Olijf

De uit het Midden-Oosten afkomstige olijf werd door de Grieken op Sicilië ingevoerd. Olijfolie is nog steeds een basisingrediënt van de Siciliaanse keuken.

Kaas

De runderteelt is nooit van veel belang geweest. Op veel kleine boerenbedrijven wordt schapen- en runderkaas gemaakt met lange rijping, zoals canestrato, pecorino, caciocavallo en provolone, of verse witte kaas, ricotta.

De voedselfestivals

Elke streek kent haar festivals, gebaseerd op een speciaal lokaal product, waarbij allerlei attracties worden georganiseerd. Of het nu gaat om artisjokken, vis, worst of een bepaalde pasta, er wordt op uitbundig-feestelijke wijze de aandacht gevestigd op het eigen gerecht. Om de bevolking beter te leren kennen, is het een belevenis, deze festivals te bezoeken