Stranden

De schitterende stranden van Mauritius vormen een magneet voor vakantiegangers. Het zijn voor het merendeel natuurlijke stranden, gevormd door de aanvoer van verpulverde schelpen, koraal en ander maritiem materiaal. Langs de hele 330 kilometer lange kust zijn ze te vinden, sommige enkele kilometers lang, andere klein en gelegen aan een mooie baai met allerlei tinten blauw en groen. Het zand is vaak wit en fijn, soms grof en bezaaid met stukjes dood koraal.

De mooiste stranddelen zijn ingepikt door de hotels maar het gedeelte langs de vloedlijn is openbaar en daarom in principe ook toegankelijk voor niet-gasten, al kun je er niet altijd bij komen. Geheel openbare stranden zijn er ook. Ze zijn meestal lang, opvallend schoon en altijd van de weg afgeschermd door een groot grasveld onder zacht ruisende casuarina’s met parkeerruimte en toiletten. Op weekdagen zijn deze terreinen zo goed als verlaten en kun je eindeloos langs de waterlijn wandelen zonder iemand tegen te komen. In de weekenden daarentegen is het er druk en levendig als de eilanders er uitgebreid komen picknicken, een balspel spelen, kaarten of lui onder een boom liggen met een radio aan een oor. De mobiele snackbars doen op deze dagen goede zaken.

Openbare stranden met een hoog ‘emmertje-schepje-gehalte’ zijn die van Pereybère, Trou aux Biches en Flic en Flac. Ze hebben fijn zacht zand dat langzaam afloopt in een kalme zee, heel geschikt dus voor kleine kinderen.

Veel welgestelde stadsbewoners hebben van oudsher een campement aan de kust om weekenden en vakanties in door te brengen. Was dit oorspronkelijk een eenvoudig optrekje van hout en stro, tegenwoordig gaat het om bungalows en grote villa’s in tropische tuinen.