Selcuk

Kasteel van Selcuk, Turkije
Het kasteel van Selcuk

Selcuk ligt 80 km ten zuiden van Izmir en is, in tegenstelling tot wat de naam zou doen vermoeden, niet beroemd om de monumenten uit de Seldsjukische tijd, maar des te meer om de ruïnes uit de Grieks-Romeins-Byzantijnse periode, die voor het grootste deel buiten de plaats zelf liggen. Begrijpelijkerwijs trekt Selçuk veel toeristen (waaronder dagjesmensen van het Griekse eiland Samos), en de hotels, pensions en restaurants schieten dan ook als paddestoelen uit de grond. Eén van de eigenaardigheden van het stadje zijn de vele ooievaarsnesten, die op stukken aquaduct, daken en masten gebouwd zijn. Wie in mei of juni komt, heeft grote kans om de prille ooievaarsgezinnetjes te kunnen aanschouwen...

Geschiedenis

Het is nog onbekend wanneer Ephesos precies is ontstaan. Dankzij de natuurlijke haven, de bloeiende handel en de vruchtbare gronden in de omgeving werd Ephesos al snel een toonaangevende stad. De Grieken troffen in het gebied de cultus van Kybele, de moedergodin, aan. Door een mengeling van Diane, de Griekse godin van de jacht, en Kybele, ontstond Artemis, de godin van Ephesos. Ter ere van haar was een tempel gebouwd, die door de enorme omvang tot één van de zeven wereldwonderen werd gerekend. Artemis beschermde het leven en bovendien werden alle zonden vergeven voor wie in het allerheiligste van de tempel kwam. De Artemis-tempel werd hierdoor bijzonder populair onder dieven, moordenaars en andere zondaren... Op de plaats van de antieke stad werden verschillende standbeelden van Artemis gevonden, waarvan twee bijzonder mooie exemplaren in het Archeologisch Museum van Selçuk staan. Zij werd voorgesteld als een fier rechtop staande dame, gehuld in een strakke, lange jurk, een hoge kroon op haar hoofd en aan de voorzijde ongeveer twintig borsten (volgens sommigen stierenzakken), die het vruchtbare leven symboliseren.

In de 6e eeuw v.C. kwam Ephesos bij het koninkrijk van de Lydiërs, die een halve eeuw later in de Perzen hun meerdere moesten erkennen. De Perzische overheersing duurde tot 334 v.C., toen Alexander de Grote de stad bij zijn rijk voegde. In 113 v.C. kwam Ephesos in Romeinse handen. De nieuwe bestuurders brachten een periode van grote bloei. De stad werd hét handelscentrum van de provincie Azië. De meeste monumenten die nu nog overeind staan (of weer gezet zijn) dateren uit de Romeinse periode.

In 53 kwam Paulus in Ephesos. Hij bleef er twee jaar wonen en introduceerde het christendom in deze regio. Later kwam ook Johannes op bezoek. Volgens een legende werd hij vergezeld door Maria, de moeder van Jezus. Zij zou tot haar dood even ten zuiden van de stad gewoond hebben. Die plaats heet nu Meryemana. Halverwege de 3e eeuw namen de Goten Ephesos in. Bij de verovering werd de tempel van Artemis in brand gestoken en vernield. In de 4e eeuw was de stad nog slechts een schim van zichzelf. De haven verzandde en de handel vond andere wegen. Het stadscentrum werd onder de Byzantijnen naar de Ayasoluk-heuvel verplaatst, waar nu nog de citadel en de resten van de grote basiliek te vinden zijn. Ephesos werd een pelgrimsoord, dat door veel Kruisvaarders werd aangedaan. Eind 7e eeuw belegerden de Arabieren de stad, die weer zeven eeuwen later in Osmaanse handen kwam. Van een opbloei was geen sprake meer; de stad raakte in versukkeling en zand bedekte de resten van Ephesos.
In 1869 begon een Brit met opgravingen in en rond de Artemis-tempel. Het diepe gat dat hij achterliet wordt door de plaatselijke bevolking nog steeds het `Engelse Gat' genoemd. Met de regering van het Osmaanse Rijk was men overeengekomen, dat alle verplaatsbare vondsten op basis van gelijkheid verdeeld zouden worden. De Britten namen echter alles mee naar huis. In een brief verexcuseerden ze zich met de opmerking dat `Turkije toch meer antiquiteiten bezat dan het kon bergen en dat de vondsten zo een leuk presentje vormden, dat de vriendschapsbanden tussen beide rijken nog verder zou helpen aanhalen'...
Al in 1895 begonnen Oostenrijkers met het uitgraven en restaureren van de oude resten, een werk, dat nog steeds voortduurt...

