Oost-Slowakije

Swipe

Košice

In 1216 werd bij een kleine, Slavische nederzetting een klooster gebouwd. Een parochiekerk volgde in 1230. In 1244 werden door de Hongaarse koning Béla IV diverse privileges verleend. In 1290 kreeg de plaats stadsrechten en ruim 50 jaar later werd Košice een vrije, koninklijke stad. Koning Ludwig verleende de stad deze laatstgenoemde titel, waaraan uitgebreidere privileges verbonden waren.

Aan het einde van de vijftiende eeuw brak een periode van grote bloei aan. De stad was in die tijd een belangrijk centrum van handel en kunstnijverheid. Vooral de zouthandel gaf de economie grote impulsen. Aan het begin van de zeventiende eeuw namen de genoemde activiteiten als gevolg van de strijd om de Hongaarse kroon en de opstanden van de edelen af. Tot ver in de achttiende eeuw was Košice het centrum van de anti-Habsburgse activiteiten. Aan het eind van de negentiende eeuw kwam de industrialisatie goed op gang en lieten de arbeiders steeds meer van zich horen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Košice bezet door Hongarije. Na de bevrijding van de stad op 19 januari 1945, zetelden de Tsjechoslowaakse president en het Slowaakse Nationale Bestuur tijdelijk in Košice.

In het oude centrum van de stad trekt vooral de Sint-Elisabethkathedraal de aandacht. Deze grootste kerk van Slowakije is een van de meest interessante gotische kerken van Midden-Europa. De keuze van de heilige Elisabeth tot patroonheilige van de dom is niet zo voor de hand liggend. De stad voerde namelijk een langdurige strijd met haar vader, Karel van Anjou, die het recht op het monopolie bij de zouthandel had.

Met de bouw van de kerk werd in 1390 begonnen. Het duurde tot 1506 voordat het godshuis gereed was. Het geld dat voor het werk nodig was, werd grotendeels verdiend met de handel in zout. Het prachtige portaal aan de noordzijde van de kathedraal wordt ook wel de Gouden Poort genoemd. Tussen de twee deuren staat een beeld van de heilige Elisabeth. Boven de deuren worden in reliëfs onder andere Elisabeths daden van barmhartigheid uitgebeeld. In de kerk wordt een groot aantal liturgische boeken, gouden kelken en monstransen tentoongesteld. De grootste monstrans is zelfs een meter hoog. Het vergulde houtsnijwerk van het elf meter hoge hoofdaltaar is bijzonder kunstig gemaakt. De madonna met kind wordt geflankeerd door de heilige Elisabeth van Thüringen en Hongarije en door Elisabeth, de moeder van Johannes de Doper.

Aan de noordkant van de kerk staat de Urbanustoren. Deze klokkentoren is in dezelfde tijd als de dom gebouwd. Naast de kerk staat de kapel die gewijd is aan de aartsengel Michaël. In een reliëf op het portaal kunt u zien hoe Michaël de zielen van de doden weegt.

Midden op het plein staat het Staatstheater (Statní Divadlo) uit het einde van de 19e eeuw. Als u kans ziet binnen een kijkje te nemen, kunt u de plafondschilderingen in de grote zaal bewonderen. Ernaast staat een pestzuil. Bij de zuil werden mensen die ter dood veroordeeld waren terechtgesteld. Aan de oostkant van het theater bevindt zich het rozige Levocahuis met z'n mooie neogotische portaal.

Ten oosten van de Michaëlkapel, aan de rand van het centrum, staat het Stolicny Dom of Jakabpaleis. Een aanzienlijk deel van de stenen die voor het gebouw gebruikt werden, waren overgebleven bij de restauratie van de Sint-Elisabethkathedraal. In dit pand installeerde president Edvard Beneš in april 1945 het eerste naoorlogse kabinet. Beneš benoemde toen vier communistische ministers op belangrijke posten. Velen zien dit als het moment waarop een aanzet werd gegeven tot de machtsovername door de communisten.

De Mikluš gevangenis ontstond in de zeventiende eeuw uit twee laat-gotische huizen. Het rechter huis bestond oorspronkelijk uit één verdieping. Omdat voor de gevangenis extra ruimte nodig was, werd het pand opgehoogd. Tot aan het begin van de vorige eeuw hebben hier mensen gevangengezeten. De cellen zijn te bezichtigen. Aan de Hviezdoslavova staat het Oost-Slowaakse museum (Vychodosto Venské Muzeum), met onder meer een interessante volkenkundige collectie. De voormalige synagoge is nu een concertzaal. Bij de stad bevindt zich een dierentuin.

Vanuit Košice wordt jaarlijks een marathon gelopen. De marathon werd voor het eerste in 1924 gelopen. Sindsdien wordt het evenement jaarlijks georganiseerd. Ook in de Tweede Wereldoorlog ging hij door. Daardoor is het is de langstlopende marathon in Europa die geen enkele keer is overgeslagen.

Tien kilometer ten noorden van Košice ligt het rococoslot Budimír. Het slot is omringd door een Franse tuin en een Engels park. Tegenwoordig biedt het onderdak aan het Slowaakse technische museum.

Dertig kilometer ten oosten van Košice herinneren 22.000 rozen op de Dargovpas (Dargovsky Priesmyk) aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, toen evenzoveel mensen omkwamen door Duitse mijnen.

10 prachtige bestemmingen in Košice en Slowakije