Muziek en dans

Sega-dans
Sega-dans

De séga: echo uit de slaventijd

De creoolse séga, een sensuele, ‘souldans’ uit de slaventijd, is een van de weinige echt Afrikaanse cultuuruitingen op Mauritius. In hogere kringen werd er lang op neergekeken en in de Britse periode was het zelfs verboden maar mede dankzij het toerisme en de emancipatie van de creoolse bevolking kreeg de dans in de twintigste eeuw nieuwe impulsen. Nu is er geen feestje of bruiloft denkbaar zonder een goede séga.

De séga groeide uit tot de nationale dans van Mauritius waar jong en oud en arm en rijk warm voor lopen. Ook Rodrigues en Réunion hebben hun eigen varianten van de séga. Zang en instrumenten begeleiden de dansers met vrij eentonige maar zwierende en haast hypnotiserende ritmes die vaag aan die van Latijns-Amerika doen denken.

Traditionele ritme-instrumenten zijn de ravanne, een grote tamboerijn die met handpalm en vingertoppen bespeeld wordt, de triangel en de maravanne, vroeger een kalebas, nu een houten doosje gevuld met bonen. Deze worden steeds vaker vervangen door modernere instrumenten zoals het keyboard en de gitaar maar bij een spontane séga op het strand kunnen de begeleiders ook heel creatief omgaan met lepels, flessen, een leeg olievat en ritmisch handgeklap.

De dames dragen bij deze dans een lange wijde strokenrok en een topje met korte mouwen, de mannen een strakke kuitbroek en een blouse met lange pofmouwen. Bij beiden blijft het middenrif vrij zodat het roule zot lé rein (heupwiegen) goed te zien is. De dames beginnen de dans met kleine pasjes op de plaats en dagen de heren uit om mee te doen waarna de dansers en danseressen uitdagend om elkaar heen draaien terwijl het tempo van de muziek steeds wordt opgevoerd. Dame en heer raken elkaar nooit aan maar kijken elkaar diep in de ogen en buigen steeds verder over elkaar heen, de dame naar achteren, de man over haar heen. Heel suggestief maar nooit ordinair.

Voor de 18e-eeuwse slaven was de séga meer dan dans en zang. Het was een manier van expressie om onvrede, heimwee, wanhoop en hoop uit te drukken. De teksten van de liederen die erbij gezongen werden hadden een dubbele bodem. Vaak werd de slavenmeesters erin belachelijk gemaakt in een taal die hij niet begreep. In de hedendaagse liederen worden actuele gebeurtenissen op het eiland bezongen.

Door de eeuwen heen veranderde de aard van de séga. Het werd vroeger ook als rituele dans bij begrafenissen uitgevoerd maar dit werd verboden door de kerk. Het rituele karakter van de dans verdween en maakte plaats voor nieuwe vormen, gericht op entertainment. Er zijn nu verschillende séga-varianten. De séga traditionelle, begeleid door de traditionele instrumenten, wordt nog in creoolse vissersdorpen in het zuiden en zuidwesten van Mauritius gedanst. Rum vormt daarbij vaak de katalysator. De séga typique is een moderne variant waarbij ook de vrouwen zingen en moderne instrumenten gebruikt worden. En dan is er nog de séga salon, de binnenhuisvariant waarbij invloeden van Europese dansen zichtbaar zijn. Deze variant wordt voornamelijk op Rodrigues gedanst.

Veel toeristen zien alleen een commerciële, ingestudeerde séga tijdens culturele avonden in hun hotel, door Mauritianen misprijzend séga hotel genoemd omdat het niet kan tippen aan een authentieke uitvoering. Toch vinden ook bij deze séga veel toeschouwers het moeilijk om stil te blijven zitten, de opzwepende muziek is eenvoudigweg niet te weerstaan.

Ségamuziek is op Mauritius overal te koop op cd. Ti Frère (Jean Alphonse Ravaton, 1900 - 1992) was de koning van de séga. Zijn lied Anita is een klassieker. Andere bekende séga-namen zijn Serge Lebrasse en Claudio Cenlcy. Radio Morris draait veel ségamuziek. Video’s van de séga zijn uiteraard te vinden op YouTube.