Shanghai

De skyline van Shanghai
De skyline van de stad Shanghai

De ster van China

Toen Shanghai nog een nederig vissersdorpje was, had niemand kunnen bevroeden dat het eens de blikken van de wereld op zich zou vestigen. Maar in de loop der eeuwen heeft deze stad dramatische veranderingen doorgemaakt, waarbij het rad der geschiedenis nu eens de ene, dan weer de andere kant op draaide.

Tegenwoordig is Shanghai, waarvan de naam “ga naar zee” betekent, de dynamische financiële hoofdstad van China, een stad van 16 miljoen inwoners die zich haar hallucinerende geschiedenis herinnert. Want de geschiedenis van deze stad, die door de Huangpu-rivier wordt gespleten in Puxi (ten westen van de Huangpu) en Pudong (ten oosten van de Huangpu), is er een van hoogte- en dieptepunten. Met geweld opengebroken door Britse kanonnen in de Eerste Opiumoorlog werd het vroegere dorp van vissers en wevers in de 19e eeuw berucht als het “Parijs van het Oosten”, een koloniale stad waar handel, misdaad en politieke intriges hand in hand gingen. Maar in een recenter verleden is er geen stad in China die zo heeft geprofiteerd van de economische hervormingen, waardoor het “Parijs van het Oosten” in korte tijd de glanzende “Parel van het Oosten” is geworden.

Dynamisch is het woord dat het beste het hedendaagse Shanghai beschrijft. Sinds de opening van de Speciale Economische Zone (SEZ) Pudong is het aantal bouwkranen in de stad zo toegenomen dat het thans groter is dan dat van heel Noord-Amerika en schieten de torens van glas en staal de grond uit te midden van met klimop begroeide koloniale villa’s en oude Chinese huizen. In een tableau dat al de contrasten van het moderne China vertoont, raken krioelende oude buurten en platanen verweven met verhoogde snelwegen en moderne wolkenkrabbers. Toeristen van heinde en ver vermengen zich met arbeidsmigranten, studenten en kunstenaars jagen hier dezelfde dromen van rijkdom na.

Een korte geschiedenis

De vroegste nederzettingen in dit gebied dateren van 5900 v.Chr. Onder de Song-dynastie werd Shanghai een belangrijke katoenexporteur, en in de 13e eeuw werd het hoofdstad van de regio dankzij de verzilting van de Wusong-rivier. Omdat ze rijker werd, moest de stad zich verdedigen tegen plunderende Japanse piraten. Daarom werd in 1553, tijdens de Ming-dynastie, een 6 km lange muur gebouwd met zes poorten en 20 schiettorens. Hoewel dit gebied zich later in ijltempo zou ontwikkelen, staat het nog altijd bekend als de Oude Chinese Stad. Ter bevordering van de handel werd in 1685 een douanekantoor gebouwd om zijde en thee te verkopen. De bevolking nam toe tot 50.000 zielen, onder wie veel bekende Chinese geleerden. Een bijzonder belangrijk personage was Xu Guangqi (Xú Guïngqi ???), een vriend en leerling van de jezuïtische missionaris en westerse ontdekkingsreiziger Matteo Ricci. Maar ondanks die veelbelovende internationale start waren het uiteindelijk ondiplomatieke middelen die Shanghai openstelden voor het Westen.

Aan de vooravond van het koloniale tijdperk waren zijde, porselein en thee de grote mode in Groot-Brittannië, en China wilde die alleen voor goud ruilen. Zo ontstond aan Britse kant een enorm handelstekort, en de Britten zochten een product dat ze aan de Chinezen zouden kunnen verkopen om de handelsbalans in evenwicht te brengen. Ze namen hun toevlucht tot opium, dat goedkoop in het koloniale India werd geproduceerd, en gingen de Chinese markt op met narcotica. Hoewel het gebruik van opium verboden was, konden veel Chinezen aan dit verboden genot geen weerstand bieden, en het duurde niet lang of de Qing-dynastie werd met een crisis geconfronteerd doordat drugs het land binnenkwamen en China’s schatten het land verlieten.

Toen China ten slotte in actie kwam om de import van opium een halt toe te roepen, was het te laat. Het resultaat van de Eerste Opi-umoorlog was het Verdrag van Nanking van 1842, het eerste van de vele “Ongelijke Verdragen”. Het verdrag voorzag in de openstelling van vijf havens: Shanghai, Ningbo, Fuzhou, Xiamen en Guangzhou.

Met het Verdrag van Wangxia, dat hun dezelfde rechten verleende als de Britten genoten, zouden de Amerikanen het voorbeeld van Groot-Brittannië volgen. En de Fransen, die niet wilden achterblijven, sloten zich in de rij aan en sloten een soortgelijke deal, die Frankrijk een grote concessie in de zuidelijke helft van Shanghai opleverde.

Toen de Taiping-opstand in de jaren 1850 het omringende platteland teisterde, vluchtten de boeren massaal naar Shanghai. Toen ze op vlotten op de Suzhou Creek (die door Shanghai stroomt) aankwamen, zagen zakenlui hun kans schoon om de naïeve boeren een poot uit te draaien. De rijken kochten grote stukken land en bouwden daar van de ene dag op de andere huurkazernes op. De kleine kamertjes daarin verhuurden ze voor zwaar overdreven prijzen aan de ontheemde boeren; en zo begon de ontwikkeling van het stedelijke Shanghai.

De handel, met de opium voorop, trok enkele van ‘s werelds grootste handelshuizen. Zeil- en stoomschepen begonnen zich in de uitgestrekte haven van de Huangpu te verdringen. Meer en meer handelaren trokken binnen en maakten Shanghai tot een echte internationale stad, en het werd voor de Britten nog een hele toer hun marktaandeel te handhaven.

De vorming van een Gemeenteraad in 1854 en de daaropvolgende samenvoeging van de Britse en Amerikaanse nederzettingen tot een Internationale Nederzetting in 1863 gaf de buitenlanders de vrije hand in het koloniale bestuur van de stad. Gaten in de wetgeving bezorgden Shanghai de reputatie van een stad van avonturiers. Missionarissen, huurlingen, kooplui, klaplopers, onruststokers en gangsters van allerlei slag stroomden toe. De bevolking groeide van 250.000 in 1850 tot 650.000 in 1900, en tot een miljoen in 1918, een verviervoudiging in 68 jaar.

Intussen begonnen grote buitenlandse handelshuizen hun belangen te diversificeren en gingen in de textiel, verzekeringen, onroerend goed en transport. Architecten bouwden imposante gebouwen langs de Bund, waaronder het Cathay Hotel met zijn groene puntdak, de koepel van de Hong Kong and Shanghai Bank en het Customs House met zijn klokkentoren.

Voor buitenlanders die zich in Shanghai vestigden bleef het feest. Filmmaatschappijen begonnen films in Shanghai op te nemen, en acteurs zoals Charlie Chaplin bezochten de stad. Christopher Isherwood, Bernard Shaw en André Malraux kwamen om de intensiteit van de stad in hun boeken vast te leggen. Klaaglijke jazzmuziek klonk in de uitgaansbuurten en modieuze jonge vrouwen dansten. De straten waren vol met riksja’s, getrokken door in vodden geklede mannen en beladen met mannen in smoking en gretige debutantes. Aldous Huxley zei in 1926 over de stad: “Het leven zelf ... opeengepakt, welig tierend, copieus – je kunt je niets intenser levends voorstellen.”

Te midden van de chaos van drugs, burgeroorlog en kolonialisme begonnen de jonge intellectuelen van China te zoeken naar oplossingen voor China’s algemeen heersende armoede en horigheid aan het Westen. Velen richtten de blik op het marxisme en de zegevierende Russische Revolutie. Diverse Chinese marxistische groeperingen kwamen bijeen in Shanghai en stichtten in 1921 de Chinese Communistische Partij (CCP); onder hen was de toekomstige voorzitter van die partij, Mao Zedong (Máo Zédong ???).

In het machtsvacuum dat volgde op de dood van de revolutionaire held Sun Yat-sen (Sùn Zhongshïn ???) in 1925, trad Chiang Kai-shek (Jiang Jièshí ???) op de politieke voorgrond met de geheime steun van de Groene Bende, de machtige onderwereld van Shanghai. Onder het vaandel van de Nationalistische Partij begon Chiang in 1926 aan de ambitieuze Noordelijke Expeditie om de krijgsheren te onderwerpen en een verscheurde natie te verenigen. Gedurende enige tijd werkten de Nationalisten en de Communisten samen in een verenigd front, dat in Shanghai in een spectaculaire breuk zou eindigen.

Toen Chiangs Nationalistische troepen in 1927 Shanghai naderden, organiseerde de CCP een algemene staking als een teken van steun en solidariteit, maar toen Chiang Shanghai binnentrok, werd de staking met geweld neergeslagen. Stakingsleiders werden opgepakt en op straat geëxecuteerd, en meer dan 5000 stakers en studenten vonden de dood. Het was het begin van een meedogenloze campagne om de Communisten te vermorzelen, een campagne die in een stroomversnelling kwam toen Chiang in 1928 Beijing innam en zijn Noordelijke Expeditie met succes afsloot.

Hoewel Chiang China in naam verenigde, vormde het Japanse imperialisme een voortdurende bedreiging. Toen Japan in 1931 Noordoost-China binnenviel, reageerden de Shanghainezen met een boycot van Japanse winkels en Japanse goederen. Vijf jaar later begon Japan een algehele invasie in China, en Japanse vliegtuigen en oorlogsschepen bombardeerden Shanghai terwijl Europese en Amerikaanse expats op het dak van hun exclusieve clubs naar het bombardement stonden te kijken.

China kwam uit de Tweede Wereldoorlog als lid van de zegevierende geallieerden, en velen stroomden naar Shanghai terug in de hoop te kunnen terugkeren naar de status-quo van een gemakkelijk leventje en nog gemakkelijker winsten. Maar zodra het ene conflict voorbij was, begon de burgeroorlog van Nationalisten en Communisten weer van voren af aan. Shanghai, eens een economisch bolwerk, raakte tot aan de rand van de financiële afgrond toen Chiang en zijn trawanten de schatkist van het land plunderden en publieke middelen naar hun eigen privérekeningen wegsluisden.

De bevrijding van de stad door de CCP in 1949 vormde het begin van een nieuw tijdperk voor Shanghai. De bordelen en opiumkits werden gesloten, de verslaafden kregen een behandeling en de prostituees een opleiding. Kinderarbeid werd verboden, krottenwijken werden afgebroken en de inflatie nam af.

Shanghai en de toekomst

Deng Xiaopings radicale economische hervormingen van het begin van de jaren 1980 hadden ten doel China open te stellen en de welvaart terug te brengen. Met de voortzetting van zijn beleid van economische ontwikkeling door zijn opvolgers blijft Shanghai een geweldige groei doormaken. De stad is zo snel de toekomst in gelanceerd dat ze zelfs geen tijd heeft om terug te kijken. Terwijl veel mensen Shenzhens pijlsnelle opkomst van vissersdorp tot wereldstad memoreren, is de opkomst van Pudong niet minder spectaculair. Aan de overzijde van de Huangpu tegenover de Bund gelegen was dit stadsdeel eens een bijna onbewoonbaar moerasgebied, dat bekendstond als Shanghai’s groentetuin. Tegenwoordig ziet zijn skyline eruit als de achtergrond van een science-fictionfilm. Twee van Azië’s hoogste torens, de Jin Mao Tower en de Oriental Pearl Television Tower rijzen boven Pudongs glinsterende skyline uit. Door veel van de buitenlandse en binnenlandse investeringen in China te absorberen is Pudong een van de pioniers in China’s enorme economische vooruitgang. Zijn brede lanen worden geflankeerd door glinsterende kantoorgebouwen die neerzien op hun voorgangers langs de Bund.

De aanleg van de infrastructuur is sinds zijn economische wederopstanding een belangrijk thema in Shanghai. Tot dusver zijn twee metrolijnen en een lightrail aangelegd, en er zullen meer lijnen volgen. De oude luchthaven Hongqiao Airport, die tegenwoordig hoofdzakelijk binnenlandse routes bedient, is vervangen door Pudong International Airport, dat via een futuristische magneetzweeftrein (Maglev) met de stad is verbonden. Verhoogde snelwegen lopen door de stad en verbinden Shanghai met de rest van het land, China’s weg naar rijkdom banend. Toen Beijing de Olympische Spelen van 2008 binnenhaalde, liet Shanghai dat niet op zich zitten en legde beslag op de Wereldtentoonstelling van 2010, die een Disneyland, een themapark van Universal Studios en hele reeksen nieuwe ontwikkelingsplannen zal omvatten. Deze samenloop van kapitaal, ongebreideld zelfvertrouwen en de combinatie van plaatselijke en buitenlandse know-how, roept bij velen de vraag op of Shanghai weer de financiële hoofdstad van Azië zal worden. Degenen die naar deze glinsterende jungle komen hebben allemaal de wens gemeen een gokje te wagen in Azië’s nieuwe metropool – waar de mogelijkheden onbegrensd lijken.

De hoogtijdagen van de jaren 1920 zijn terug en Shanghai’s nachtleven wordt steeds hotter. Chinezen en buitenlanders vullen ‘s avonds de straten, etend, drinkend, winkelend en dansend. Overdag zijn de voornaamste winkelstraten Nanjing Road en Huaihai Road één zee van toeristen en gretige consumenten. Zij die wonen, werken en vertier zoeken in de stad van “zien en gezien worden”, beseffen maar al te goed dat de ogen van de wereld op Shanghai gericht zijn terwijl het zijn reputatie als de nieuwe hoofdstad van Azië probeert te versterken – maar één ding is zeker, ze zullen het in stijl doen.

Kaart van Shanghai

Reacties

Shanghai was in 1980 (na de invoering van het eenkindbeleid) een heel andere stad. Hoe zag ze er vroeger uit?

Beste Renilde, ik was zelf in Shanghai in 1983, dus het is lastig voor mij om voor de tijd van 1980 te spreken, maar het verschil zal niet zo groot zijn. De belangrijkste verschillen waren: 1. er waren slechts een klein aantal hoge gebouwen, 2. iedereen maakte gebruik van de fiets en er waren bijna geen auto's, en 3. iedereen droeg een zogenoemd blauw Mao-pak, waardoor de mensen massa's zeer uniform oogden. Veel kinderen werden door oma's en opa's overdag onderhouden, maar dat is ook nu vaak nog zo. Al is het een korte schets, toch hoop ik dat je iets aan deze informatie hebt.