Gebiedsbeschrijving Kleine Noorden

Swipe

Parque Nacional Pan de Azucar

Het langs de woestijnkust gelegen en in 1985 opgerichte Parque Nacional Pan de Azucar bestaat uit drie delen: een kuststrook met eilandjes, een 900 m hoog kustgebergte en het bergachtige binnenland. De kustvlakte en de rand van het kustgebergte zijn be-schermd vanwege de bijzondere plantengroei die zich hier ondanks de droogte heeft ontwikkeld, en volledig leeft van het vocht uit de camanchaca of kustnevel. Zo is een ‘loma-vegetatie’ ontstaan van meer dan 20 cactussoorten en succulenten langs de kust en bovenop de heuvels van het kustgebergte, waar de wolken tegenaan stuwen. Gewone regenval is hier te verwaarlozen en valt alleen in de winter, maar het vocht uit de mist houdt hier unieke levensgemeenschappen in stand. Langs de kust groeien diverse soorten cactussen: kogelvormige van alle maten, langwerpige zonder wortels en piepkleine soorten. In regenrijke jaren is ook hier het fenomeen van de bloeiende woestijn waar te nemen. Aan de top van het ecosysteem van de strandvlakte staan vossen en guanacos. Het nationale park is bovendien zeer rijk aan vogels; maar liefst 103 soorten zijn in dit gebied waargenomen, waarvan een groot deel mariene vogels (zie hieronder). Langs de mooie oceaankust met witte stranden en rond de eilandjes zorgt het planktonrijke water van de koude Humboldtstroom voor de tweede bijzonderheid van het park: een uitbundig dierenleven, met visotters (chungungos), zeeleeuwen (lobos marinos), meeuwen (gaviotas), sternen (gaviotinas), steenlopers (vuelve piedras), drieteenstrandlopers (playero blanco), scholeksters (pilpilénes, jan-van-gents (piqueros), pelikanen (pelícano), aalscholvers (yecos) en een kolonie van 3000 Humboldt-pinguïns op het Isla Pan de Azucar. Dat eiland is daarmee de belangrijkste broedkolonie van Humboldt-pinguïns in Chili.

In de heuvels van het 900 m hoge kustgebergte (Cordillera de la Costa) en de eerste strook van het achtergelegen binnenland (waar de camanchaca nog kan binnendringen) staan grote zuilcactussen, die sterk met mossen en korstmossen zijn begroeid. Jonge vossen zijn hier gemakkelijk te zien, omdat ze op het geluid van auto’s afkomen en bijna uit je hand eten. Daarnaast guanaco’s en veel vogels (onder meer arend, condor, en ‘aguilucho’). Verder landinwaarts verandert het gebied weer in kale woestijn, met een prachtig kleurig erosielandschap.

Bereikbaarheid/toegang/voorzieningen

Pan de Azucar is over twee onverharde, maar goede wegen te bereiken: één voert in 30 km vanuit Chañaral langs de kust naar het park. De andere is een afslag van de Panamericana tussen Taltal en Cañaral (bij km 1014), die door een mooi gebied met gekleurde bergen naar de kust voert. Voor vervoer zie Chañaral. Vlak voor de ingang van het park kun je vrij kamperen aan een mooie baai. Dan passeer je de ingang van het park, waar entree moet worden betaald (2500 $ voor buitenlanders). Verderop groeien langs de kust fraaie bolvormige clustercactussen, Cactus copiapoa, lijkend op ijzeren ballen. Dan volgt Playa Blanca (kamperen toegestaan, geen voorzieningen). 8 km voorbij de ingang, aan het eind van een baai ligt tegenover Isla Pan de Azucar de mooie Playa los Piqueros met een kampeerplaats (muurtjes, stookplaats, schoon, maar zonder voorzieningen). 2 km verderop ligt het haventje Caleta Pan de Azucar en daarboven de gebouwen en administratie van de CONAF. Er is een klein bezoekerscentrum met een expositie over het gebied (o.a. archeologische vondsten van prehistorische jagers en vissersgroepen) en een cactustuin. Blijf in de cactustuin op het pad, want anders loop je waarschijnlijk de kleinste cactus ter wereld plat (een onooglijk bolletje van 2 mm dat half onder het zand is verstopt!). Als je deze niet kan vinden (en dat is waarschijnlijk), wil de CONAF-parkwachter je hem graag tonen. Bij de administratie is drinkwater te krijgen, dat hier wekelijks per tankwagen wordt aangevoerd. Neem zo mogelijk zelf water mee.

Caleta Pan de Azucar, nu een klein vissershaventje met zo’n 15 houten keetjes, was vroeger een dorp van 100 inwoners, die zich bezighielden met de verwerking en inscheping van kopererts uit de vlakbij gelegen kopermijn El Carrazallillo. De mijn werd in 1850 geopend en in het begin van de 20e eeuw verlaten, net als het dorp. Nu resten slechts enkele fundamenten van gebouwen, omdat in 1922 een zeebeving het plaatsje vernielde. Een deel van de oude haven is onder water gekomen en alleen voor duikers interessant. Bij Caleta Pan de Azucar zijn nieuwe kampeerplaatsen (ommuurd, dak van stro, 5000$ per plek, inclusief 20L water). Bij het haventje kun je voordelige eenvoudige vismaaltijden eten, geen winkel.

Naar de pinguïns van Isla Chañaral

Vanaf Caleta Pan de Azucar kun je met een bootje (Pinguitour) het gelijknamige eiland bezoeken. Je vaart langs het eiland en kan de pinguïns (en met geluk ook zeeotters en zeeleeuwen) goed observeren; het is niet toegestaan om aan land te gaan. De excursie kost $ 3000 p.p., duurt ongeveer 1,5 uur, en is te regelen bij het houten hutje van de “tourist Information” op het strand (nb: met harde wind en gevaarlijke branding wordt er niet gevaren!).

Excursie naar het binnenland

Om de met grote cactussen begroeide heuvels van het kustgebergte (Cordillera de la Costa), het schitterende uitzicht vanaf het gebergte en de speelse vossen in het achtergelegen binnenland te zien heb je een auto nodig. Er is vanaf de administratie een zogenaamde ‘sendero de auto-excursion’ (zelf-excursie, sleutel van slagboom bij de CONAF vragen) naar het eindpunt ‘Las Lomitas’ aangelegd met verklarende bordjes langs de weg. Deze route is heen en terug 60 km, en voert naar een uitzichtspunt op de top van het kustgebergte (grote cactussen, vossen) en passeert onderweg alle ecosystemen van het park. Bovenop het plateau staan nieuwe wateropvangschermen, die waterdruppels uit de wolken filteren.

Wandelmogelijkheden Pan de Azucar

Pan de Azucar is door z’n woestijnklimaat en gebrek aan water meer een park voor auto- dan voor wandeltochten. Er zijn weinig paden. Mooi is het overigens om gewoon een stuk over de zandweg langs de kust te lopen. Bij de monding van het Castillo-dal langs de kust (Quebrada el Castillo, halverwege parkingang en administratie) is kans op het zien van guanoco’s.

Aan het eind van de middag (rond 17.00 uur) kun je vanaf deze weg mee liften met de vissers die met hun vangst naar Chañaral terugkeren. Voor lange wandelingen buiten de wegen heb je toestemming nodig. Onder begeleiding van een parkwachter kan een tocht worden gemaakt naar de ‘mirador Pan de Azucar’, circa 10 km. De weg naar het binnenland en Las Lomitas is veel te lang om te voet af te leggen (60 km heen en terug).

Vakanties in Chili

10 prachtige bestemmingen in Parque Nacional Pan de Azucar en Chili